Biografie

Het lot van Mozes van Kleef.

Echtgenoot van Lena van West .

Mozes van Kleef was een zoon van Salomon van Kleef en Saartje van Dam en was geboren in Amsterdam op 16 Juli 1915. Van beroep was Mozes stoffeerder en behanger. Hij trouwde op 18 October 1939 met Lena van West, die op 16 Mei 1916 in Amsterdam geboren was als dochter van Hartog van West en Bloeme van West. Mozes en Lena hadden geen kinderen.

Nadat zij getrouwd waren, betrokken zij woonruimte in de Amstellaan 11 3e etage, een inwoning bij de familie van Michel Coronel, maar verhuisden 18 Juli 1941 naar de Waverstraat 85 3e etage. Voor hun huwelijk woonde Mozes in de Rapenburgerstraat 35 hs en 1e etage bij zijn ouders en Lena in de Tweede Boerhaavestraat 13 3e etage bij haar moeder Bloeme van West.

Uit de registratiekaart uit de Joodse Raad cartotheek van Mozes van Kleef blijkt, dat hij in een werkkamp bij Dalfsen heeft gezeten. Dat was destijds het Joodse Werkkamp “De Vecht”, gebouwd ±1937, gelegen tussen de Rechterense Dijk en de spoorlijn, net buiten Dalfsen richting Vilsteren. Uit de historie van dit werkkamp blijkt dat op 25 april 1942 er 123 joodse werkloze mannen uit Amsterdam aangekomen zijn in “De Vecht”, waartoe dus ook Mozes van Kleef behoorde.

Toen “De Vecht” en alle andere Joodse werkkampen op Jom Kipoer 1942 (3 October 1942) werden geliquideerd, en alle dwangarbeiders uit al die kampen naar Westerbork werden overgebracht moet ook Mozes van Kleef rond die datum in Westerbork zijn aangekomen. Een notitie die daarop duidt was:  Man was in kamp Dalfsen. Nu naar Westerbork. Vrouw is gesperrt. Photocopie in Westerbork. Een andere aantekening op zijn kaart van 20 October 1942 luidde:  Brief van (Arthur) Heidenheim1 om bericht te geven waar man werkt, daar hij ingedeeld in staf in Westerbork 28-10-42.

Of al deze aantekeningen gunstig voor Mozes van Kleef uitgepakt zouden hebben is maar de vraag, want al op 23 October 1942 werd Mozes gedeporteerd naar Auschwitz. Dit transport met in totaal 988 gedeporteerden, maakte een tussenstop in Cosel, gelegen ±80 km westelijk van Auschwitz, waar 170 jongens en mannen tussen 15 en 50 jaar werden gedwongen de trein te verlaten om vervolgens in de omliggende werkkampen in Opper Silezië als dwangarbeiders te worden tewerkgesteld. Het is vrijwel zeker dat Mozes van Kleef tot deze groep behoorde.

Het is niet onwaarschijnlijk dat Mozes van Kleef uiteindelijk in Blechhammer terecht is gekomen (zie ook “Meer over het transport van 23 October 1942”). Maar zijn precieze datum van overlijden is niet bekend. Daarom hebben de Nederlandse Autoriteiten na de oorlog vastgesteld, mede op basis van getuigenissen van overlevenden en onderzoek, dat Mozes van Kleef na 31 Maart 1944 niet meer in leven zou kunnen zijn. De gemeente Amsterdam kreeg toen opdracht om een overlijdensakte voor hem op te stellen, waarin is vastgesteld dat Mozes van Kleef op 31 Maart 1944 in Midden Europa is overleden.

Bronnen o.a. Stadsarchief Amsterdam,  archiefkaarten van Lena van West en Mozes van Kleef; woningkaart Amsterdam Amstellaan 11 III; het archief van de Joodse Raad, registratiekaarten van Lena van Kleef-van West en Mozes van Kleef; Publicatie Auschwitz III -de Cosel periode – uitgegeven in October 1952 door het Nederlandse Rode Kruis; de Wikipedia lijst Jodentransporten vanuit Nederland.nl en de overlijdensakte voor Mozes van Kleef, opgemaakt te Amsterdam, nr. 172 d.d. 25 Januari 1952 uit het A-register 93-folio 30v.

  • Arthur Heidenheim was een medewerker van de kampafdeling van de JR, Oude Schans, en medewerker verwantenhulp.
Alle rechten voorbehouden