Biografie

Over Roosje Mullem

Roosje Mullem was een dochter van Hartog Mullem en Sara Snoek. Zij was ongehuwd en werkzaam als verkoopster en woonde nog thuis bij haar ouders in de Magerfonteinstraat 4 1 in Amsterdam. Haar vader was in 1931 weduwnaar geworden.

Op 6 April 1943 werd Roosje Mullem naar Westerbork afgevoerd en werd eerst in barak 57 ondergebracht. Op 22 April moest zij in Westerbork verkassen naar barak 81 waar zij nog een week op haar deportatie moest wachten. Op 27 April werd Roosje Mullem op transport gesteld naar Sobibor waar zij bij aankomst op 30 April 1943 onmiddellijk werd vermoord.

Bronnen: Stadsarchief Amsterdam, archiefkaart Hartog Mullem en Roosje Mullem en het archief van de Joodse Raad, registratiekaart van Roosje Mullem.

Alle rechten voorbehouden