Verhaal

Over het 11e konvooi van 26 September 1942.

van Mechelen naar Auschwitz.

Dit transport bestaat uit 1742 personen, waaronder 523 kinderen. De op 16 September aangevatte inschrijvingen eindigden op 25 September, aan de vooravond van het vertrek. Het duurde dus 10 dagen om het aantal te deporteren personen te verzamelen. De personen moeten voortaan onder dwang aangevoerd worden, de Joden zijn al ondergedoken. Sedert de grote razzia's op het einde van de zomer verlieten zij hun wettelijke adres en leerden zij de risico's van het onderduiken kennen.

In Antwerpen lopen tussen 23 en 25 September meer dan 100 personen in de val aan de rantsoeneringsbureau's op de Meir, waar zij hun rantsoenzegels komen ophalen. De valstrik van de SS-agenten en hun Vlaamse collega's werkt: zij houden alle personen aan waarvan de identiteitskaart afgestempeld is met "Jood-Juif" en met de kleine ster, die zij in Juni opgehaald hadden bij het gemeentebestuur. Vanaf de eerste dag worden in Mechelen 162 personen ingeschreven voor het 11e konvooi.

Een tweede gewichtige politieactie vind plaats in de provincie Henegouwen. Charleroi werd tot in die periode eerder gespaard, maar op 24 September organiseert de SS verantwoordelijke voor plaatselijke Joodse aangelegenheden, Heinrich Knappkotter, een razzia. Hij bezit een herwerkte lijst van de Joden die in de streek wonen. De voorzitter van de plaatselijke VJB (Vereniging der Joden in België) had gevolg gegeven aan zijn bevel, maar de lijst was vervalst. Het triumviraat (driemanschap) van de M.O.I. te Charleroi, Pierre Border, Sem Makowski en Max Katz had de lijst 's-nachts vervalst.

Vanaf de avondklok werden de Joden zoveel mogelijk op de hoogte gebracht van de nakende razzia en aangespoord om onder te duiken. Het driemanschap richt ook onmiddellijk een plaatselijk beschermcomité voor de Joden op om hulp te bieden. Dat van de VJB, waarvan Max Katz ook secretaris is, heft zich onmiddellijk open draagt zijn fondsen over aan het clandestien comité. De razzia richtte toch veel schade aan in de stad; heel wat van de 698 personen die op 25 September in Mechelen ingeschreven werden komen uit die stad.

Het 11e konvooi, dat de volgende dag 26 September 1942 vertrekt komt op 28 September in Auschwitz aan. Zowat 80% van de gedeporteerden - het hoogste aantal uitroeiingen van de ganse "Belgische" deportatie - wordt onmiddellijk vermoord. 1398 gedeporteerden verdwijnen zo voor eeuwig; na dit bloedbad worden nog 344 personen opgenomen en ingeschreven in het concentratiekamp. Slechts 34 van hen zullen de drie jaar gevangenschap in de nazikampen overleven.

Bron: Memoriaal van de Deportatie der Belgische Joden, blz. 26.