Verhaal

Twee families van Gelder woonden in een dubbel woonhuis  in de Burgemeester Smitsstraat, vlak naast de spoorbaan in Eibergen.  Twee broers, Joseph (Joop), getrouwd met Bertha de Jong, en Leman van Gelder, getrouwd met Anna de Jong, een zuster van Bertha. Twee broers en twee zusters dus.

Joseph van Gelder fungeerde  25 jaar lang als penningmeester van de Eibergse Joodse Gemeente en zijn vrouw Bertha was voorzitster van de Joodse vrouwenchewre.

Leman en Anna waren kinderloos, Joseph en Bertha hadden twee dochters. Eva is als kind overleden  en ligt begraven op de Joodse begraafplaats in Eibergen. Sophia (Fie) trouwde met Leonardus (Leo) Menco, die evenals de van Gelders veehandelaar was. Dit gezin had twee kinderen, Beppie en Sallo. 

Naast het dubbele woonhuis van de van Gelders bevond zich een flink stuk weiland in het Warfslat. Daarin graasde meestal vee, dat verhandeld werd.

Op de fatale vrijdagnacht 22 juni 1940 werd een deel van dat dubbele woonhuis geraakt door een bom van overvliegende vliegtuigen. Daarbij kwamen Joseph en Bertha om het leven. Anna, die zwaar gewond was, werd in Enschede in het ziekenhuis opgenomen. Na haar herstel wilde dit echtpaar niet terug naar hun eigen woning. Het was te triest daar zonder hun broer en zus te wonen.  Zo trokken Leman en Anna in bij hun nichtje Fie en haar gezin aan de Groenlosche weg in Eibergen.  

De grafsteen op de Joodse Begraafplaats in Eibergen (bekend als de Joddenbulte)  van Joseph en Bertha luidt: "Zij haden elkander lief en waren bemind in hun leven en in hun dood zijn zij niet gescheiden."

Anna en Leman doken onder en hebben de oorlog overleefd. Joseph en Bertha's dochter Fie dook onder met haar dochter Beppie en overleefde de oorlog. Helaas zijn Leo en zoontje Sallo verraden en opgepakt in de razzia in het Hoonesbos in Eibergen op 28 maart 1943. Ze vonden hun dood in Sobibor op 6 april 1943.