Verhaal

Bijzonderheden

Door:

Omstreeks 1943 heeft Nathan Kropveld een bijzondere mondelinge overeenkomst gesloten met een zekere K.A. T. Nathan Kropveld heeft toen een geldbedrag van
f 2135,70 aan T. in bewaring gegeven omdat hij vermoede dat hij en zijn gezin op korte termijn zou worden gedeporteerd. De overeenkomst was, dat als iemand van het gezin Kropveld zou terugkeren, zou T. het in bewaring gegeven geldbedrag aan dat lid van het gezin teruggeven. T zou als bewaarder wel een redelijke vergoeding voor het bewaren van het geld mogen bedingen.
Als echter niemand van het gezin zou terugkeren, dan mocht T. het gehele geldbedrag houden.

Na de oorlog is het Nederlands Beheersinstituut bewindvoerder over het vermogen van Nathan Kropveld benoemd.
T. heeft toen aan de bewindvoerder van K., een bankbiljet van f 1000,- overhandigt en het overige f1135,70 geweigerd aan de bewindvoerder te overhandigen.

De ARR RECHTBANK GRONINGEN heeft op 27 februari 1948 beslist dat de overeenkomst tussen K., en T., rechtsgeldig was, en dat T., het aan hem in bewaring gegeven geldbedrag mag houden.
Bron Nederlandse Jurisprudentie 1948
No. 748