Aanvulling

Biografie familie Weiler-Haas

Leopold Weiler is de zoon van Maier Weiler, godsdienstleraar en tevens slager, en van Karoline Werner-Weiler. Leopold groeit op in een gezin met in ieder geval één broer en tenminste drie zussen. De ouders van Leopold sterven respectievelijk in 1905 en 1900.

Clothilde Haas is de dochter van Markus Haas en Auguste (‘Gustine’) Haas-Stern.

Leopold begint na het doorlopen van school en vakstudie zijn werkzame leven in de tabakszaak van zijn broer Philipp. In de zaak leert hij verder op zijn nieuwe vakgebied.

In 1894 vertrekt Leopold naar Hanau en begint in de Krämerstrasse nummer 5 zijn eigen winkel in tabakswaren, chocolade, suikerwaren, speelgoed en lederwaren.

Leopold en Clothilde trouwen op 22 juli 1896 in het Duitse Assenheim en gaan boven de winkel wonen. Het echtpaar begint een tweede winkel in een nabijgelegen dorpje, waar ze rookwaren verkopen. In 1933 bepaalt Hitler dat niet-Joden geen aankopen meer mogen doen bij Joden. Dit betekent een groot verlies van omzet voor het echtpaar.

In 1936 vieren Leopold en Clothilde groots de bruiloft van hun dochter Gertrud (‘Trude’) met Erich Elias. Erich is de zoon van Max Elias en de broer van Lotte Elias. Zowel Max als Lotte komen in de oorlog om.

In 1938 wordt het echtpaar Weiler-Haas gedwongen hun huis en de twee winkels te verkopen, ze verlaten hun huis op 5 mei 1938. Dan gaan ze bij hun zoon Eugen in Frankfurt wonen, ze hopen, dat ze door het dorp te verruilen voor een grote stad, meer in de anonimiteit te kunnen leven en dus veiliger te zijn. In Frankfurt maken zij in november 1938 de Kristallnacht mee; de leeftijd van Leopold, hij is dan 71, behoedt hem voor een deportatie naar Buchenwald.

In mei 1939 emigreren Leopold en Clothilde naar Nederland. Ze komen berooid aan in Rotterdam, waar ze in de Nolensstraat op nummer 24b gaan wonen. Dit is het adres waar hun dochter ‘Trude’, schoonzoon Erich Elias en hun tweejarige kleinzoon Hans al wonen. Later moet de hele familie Rotterdam verlaten, dan verhuizen ze naar Apeldoorn.

Vanaf 18 oktober 1940 wonen Leopold en Clothilde op de Soerenseweg 108 in Apeldoorn. Ze betrekken vervolgens, samen met Helene Elias-Löwenstein (de stiefmoeder van hun schoonzoon Erich Elias) op 27 december 1940 een huis in de Emmalaan op nummer 21. Helene komt, negen maanden later, op 27 september 1941 weer terug naar Soerenseweg 108. Leopold en Clothilde gaan elf maanden later, op 21 augustus 1942, in pension/rusthuis ‘Nieweg’ op de Koppellaan nummer 6 wonen.

De stiefdochter van Helene Elias-Löwenstein, Lotte Elias, haar man Alfred en haar zwager Moritz wonen sinds oktober 1940 in Apeldoorn, eerst in de Badhuisweg op nummer 81 en na enkele weken verhuizen zij naar nummer 97 II.

Leopold en Clothilde worden in de nacht van twee op drie oktober 1942 uit hun slaap gehaald en weggevoerd.
Het echtpaar wordt aansluitend in Kamp Westerbork geregistreerd. De periode tussen drie en vijf oktober was een chaotische periode in Kamp Westerbork. Dit wordt veroorzaakt door de circa tienduizend nieuwe mensen die toen, deels vanuit werkkampen in Nederland, in het kamp worden geregistreerd. Iedereen krijgt dezelfde registratiedatum. Het echtpaar Weiler wordt drie weken later, op vrijdag 23 oktober, vanuit Westerbork naar Auschwitz gedeporteerd. Het laatste teken van leven is de briefkaart die zij vanuit de trein naar buiten hebben gegooid. Deze briefkaart is nog steeds in bezit van de familie. Op de briefkaart is onder andere te lezen: “Wij zijn nu op weg naar onze nieuwe bestemming” en “In de hoop dat wij elkaar weer terugzien”. Bij aankomst in Auschwitz, op maandag 26 oktober, worden Leopold en Clothilde direct vergast.

Ook de in Amsterdam wonende zoon Ernst Weiler en zijn vrouw Gertrud Weiler-Kayser worden vermoord in Auschwitz. De drie andere kinderen van Leopold en Clothilde overleven de oorlog; de twee zonen Eugen en Max zijn op tijd geëmigreerd naar de Verenigde Staten. Dochter 'Trude' en haar man Erich overleven dankzij een onderduikadres in Apeldoorn de oorlog. Hun zoontje Hans wordt opgevangen op diverse onderduikadressen. Hij wordt verraden tijdens zijn onderduik in Velp, maar is ondanks zijn aanwezigheid tijdens de huiszoeking niet gevonden. Hans wordt dan in Emmen ondergebracht, bij familie van de mensen uit Velp.

Hedwig, één van de zussen van Leopold wordt in 1941 in het getto van Lodz, in Polen, vermoord.