Grietje de Lange (1892-1943), Jacob Jacobs (1893-1943) en hun zoon David (1920-1943)

Verhaal -
Door: Leen Boer

Grietje de Lange is op zaterdag 10 september 1892 in Amsterdam geboren. Zij is een dochter van David en Mietje de Lange-Pesaro. Haar vader deed op de dag van haar geboorte aangifte bij de Burgerlijke Stand. Hij was koopman en woonde op nr 147 in de Valkenburgerstraat. Twee andere koopmannen waren meegekomen als getuigen. Gedrieën verklaarden zij vanwege de sabbat niet te mogen schrijven.

Grietje is op 14 december 1918 in Amsterdam gehuwd met Jacob Jacobs. Jacob was toen 25 jaar oud en Grietje 26. Mietje, de moeder van Grietje, was toen al ruim elf jaar eerder overleden. De ouders van Jacob en de vader van Grietje waren bij de huwelijkssluiting aanwezig en verklaarden ermee in te stemmen. Abraham de Lange, broer van de bruid, 32 jaar oud en venter, en Barend Jacobs, broer van de bruidegom, 44 jaar oud en koopman, waren de getuigen. Jacobs moeder Klaartje “verklaarde niet te kunnen naamteekenen, als hebbende geen schrijven geleerd”, zo staat op de huwelijksakte geschreven.

Jacob Jacobs is op 13 mei 1893 in Amsterdam geboren, kort voor zijn tweelingzusje Rebecca. De vader van Jacob en Rebecca is David Jacobs (1850, Alkmaar - 1928, Amsterdam), koopman, venter en werkman. Hun moeder is Klaartje (Clara) Snoek (1849, Purmerend - 1935, Amsterdam). Zijn ouders woonden bij de geboorte van Jacob en Rebecca op het adres Uilenburgerstraat 53 in Amsterdam. Jacobs tweelingzusje Rebecca is maar vijf maanden oud geworden. Zij overleed op 30 oktober 1893.

Jacob en Grietje Jacobs-de Lange hebben op 14 mei 1920 in Amsterdam een zoon gekregen. Zij noemden hem David.

Jacob was marktkoopman (in textiel), venter, grossier in porselein en glaswerk, en los werkman. Van december 1923 tot en met (in ieder geval) maart 1936 had Jacobs een vergunning voor het verkopen van aardewerk op de Nieuwmarkt. Op de desbetreffende marktkaart in het Stadsarchief Amsterdam staat dat Jacob en Grietje in die periode op de adressen Schippersstraat 5 II en Oude Schans 53 II en 3 woonden.

Vanaf april 1938 had Jacobs een vergunning voor een standplaats op de Lindengracht voor de handel in ongeregelde goederen. Alleen de foto van Grietje staat op deze marktkaart. Mogelijk bezette zij deze standplaats alleen. Van april 1938 tot en met oktober 1941 had Jacobs een vergunning voor een standplaats in de Hasebroekstraat op de Ten Katemarkt.

Het laatst bekende adres van het gezin Jacobs-de Lange is Jodenbreestraat 52 II in Amsterdam. Volgens aantekeningen op hun kaarten uit de cartotheek van de Joodsche Raad leed Grietje aan diabetes en Jacob aan bronchitis. Jacob had een Sperre (en Grietje daardoor ook), omdat hij marktkoopman was in de Gaaspstraat. Daar was tijdens de Jodenvervolging voor enige tijd in een speeltuin een markt voor Joden, omdat zij niet meer mochten winkelen bij niet-Joden.

Jacob en Grietje arriveerden op 26 mei 1943 in Westerbork en verbleven daar in barak 58. Zij gingen op dinsdag 1 juni 1943 op transport naar Sobibor. Het was de 64ste trein en het op één na grootste transport. Er zaten 3006 Joden in deze trein. Het grootste transport, met 3018 Joden, vertrok een week later, op 8 juni 1943, en ging ook naar Sobibor (Mulder 2022: 281-284).

Jacob en Grietje zijn op 4 juni 1943 na aankomst in Sobibor vermoord. Grietje en Jacob waren toen beiden 50 jaar oud. Jules Schelvis, bekend van zijn onderzoek naar vernietigingskamp Sobibor, zat in hetzelfde transport. Hij werd na aankomst in Sobibor voor arbeid elders geselecteerd. Zijn 20 jaar oude echtgenote, Rachel Borzykowski, is wel na aankomst in Sobibor vergast.

David, de zoon van Jacob en Grietje Jacobs-de Lange, was koopman en magazijnbediende. Vanaf mei 1937 is David Jacobs, zo blijkt uit een registratiekaart van de Algemene Nederlandse Diamantbewerkersbond, enige tijd leerling geweest bij diamantslijperij Asscher. David woonde in 1942 nog op het adres van zijn ouders, Jodenbreestraat 52 II. Hij is al op 31 juli 1942 in Kamp Westerbork geregistreerd. Vandaar ging hij op 19 oktober 1942 op transport. David is op 22-jarige leeftijd op 28 februari 1943 (of eerder) in Auschwitz vermoord, enkele maanden voordat zijn ouders in Sobibor de dood vonden. Volgens zijn kaart uit de cartotheek van de Joodse Raad ontvingen zijn ouders op 18 januari 1943 nog een brief van David, die uit werkkamp Auschwitz-Monowitz verzonden was.

Bronnen:

Boer, Leen (2024) De nakomelingen van Mietje Pesaro (1858-1907) en David de Lange (1858-1922): Over leven en ondergang. Leiden.

Mulder, Dirk (2022) Buitengewone transporten: Deportaties van Joden, Roma en Sinti uit Nederland, 1940-1945. Zwolle: WBOOKS.

 

Copyrights: Alle rechten voorbehouden