Addition

Biografie familie Bruinvels

Isaac Bruinvels is de zoon uit het huwelijk van losser, werkman Abraham Bruinvels en Margaretha Waas. Het echtpaar krijgt in ieder geval tien kinderen. De ouders van Isaac sterven respectievelijk in 1916 en 1912.

In december 1914 vertrekt Isaac Bruinvels naar Rotterdam. En gaat inwonen bij het gezin van zijn zus Reine. In 1915 keert hij terug naar zijn geboortestad en gaat later opnieuw naar Rotterdam. Zijn broer Barend, met hetzelfde beroep als Isaac, komt met zijn gezin in 1916 naar Rotterdam. Op een bepaald moment gaat Isaac bij zijn broer in wonen.

Isaac krijgt een relatie met de bijna vijf jaar oudere Hanna en samen krijgen zij drie zonen en één dochter die allen in de oorlog zullen omkomen. Tussen de geboorte van hun tweede en derde kind trouwt het stel met elkaar. Isaac junior (*1921) is dit derde kind. Hij groeit op in Rotterdam en wordt in mei 1925, nog geen vier jaar oud, opgenomen in het Apeldoornsche Bosch. In mei 1932 wordt Isaac junior overgeplaatst naar de Bergstichting in Laren. Zijn broertje Abraham woont hier al sinds oktober 1930.

Echter keert Isaac junior terug naar het Apeldoornsche Bosch, waarschijnlijk na 1 januari 1940.

Isaac senior en Hanneke gaan uit elkaar (scheiding officieel in augustus 1931) en Isaac trouwt opnieuw, ditmaal met Eva Nabarro, de plechtigheid vindt plaats op 21 oktober 1931, te Amsterdam.

In juli 1939 wordt Isaac senior zelf als ‘gesticht patiënt’ in het Apeldoornsche Bosch opgenomen (komende vanuit Rotterdam). Vader en zoon zijn aanwezig op het terrein van het Apeldoornsche Bosch, als de bezetter op wrede wijze met de ontruiming van deze psychiatrische inrichting begint; als eerste worden de patiënten en de kinderen van het aangrenzende Paedagogium Achisomog hardhandig in vrachtauto’s geladen.

De leiding van deze wrede ontruiming is in handen van SS-Hauptsturmführer Ferdinand Hugo Aus der Fünten. Vervolgens rijden de vrachtwagens af en aan naar het station van Apeldoorn, waar een trein met veertig veewagons klaar staat. Dorpelingen horen het geschreeuw en gekrijs van de vele patiënten uit de vrachtwagens komen. Aus der Fünten slaat op het station het hele proces gade. Over de aankomst van dit transport op treinstation Auschwitz zijn verschillende lezingen bekend. Op het treinstation van Auschwitz zouden gaten zijn geboord in de wagons om de patiënten daarin te vergassen. Als dit werkelijk zo heeft plaatsgevonden, dan is een mogelijke verklaring dat de nazi’s hiermee hebben willen voorkomen dat het geschreeuw en het gekrijs, zoals dat in Apeldoorn heeft geklonken, zich in het vernietigingskamp zelf zou herhalen, als de patiënten van het treinstation naar het kamp worden getransporteerd. De personeelsleden uit de laatste wagon zouden, met hulp van anderen gevangenen, de omgebrachte patiënten in brandende kuilen hebben moeten gooien. Enkele personeelsleden zijn tijdens deze ‘werkzaamheden’ ook zelf omgekomen. Er zijn ook getuigenissen van een andere gang van zaken; de gedeporteerden zouden niet zijn vergast, maar levend in kuilen verbrand.

Enkele maanden later wordt Abraham in Sobibor omgebracht.

Bronnen: Stadsarchief Amsterdam, Stadsarchief Rotterdam en CODA Archief Apeldoorn.

27 juni 2019