Biografie

Het lot van Eliazer van Geuns en zijn gezin.

Eliazer van Geuns was een zoon van Hartog van Geuns en Kaatje van Biene. Hij was geboren in Rotterdam op 10 October 1890 maar zijn ouders kwamen in 1893 al naar Amsterdam. Hij trouwde op 27 Augustus 1919 in Amsterdam met Frederika Tas, geboren op 13 October 1894 in de gemeente Nieuwer Amstel als een dochter van Levie Tas en Clara Velt. Het echtpaar Van Geuns kreeg twee kinderen: in 1921 werd Hartog geboren en in 1922 kregen zij een dochter, Clara die de Holocaust heeft overleefd. Eliazer zelf, zijn vrouw Frederika en hun zoon Hartog zijn tijdens de Sjoa om het leven gekomen.

Eliazer was koetsier van beroep, later chauffeur, en woonde na zijn huwelijk met zijn vrouw Frederika in de Vrolikstraat 281 in Amsterdam. In 1920 volgden verhuizingen naar de Joden Breestraat en de Uilenburgerstraat maar vanaf 22 Augustus 1922 werd hun definitieve adres Laing’s Nekstraat 26 III in Amsterdam.

Eliazer van Geuns en zijn vrouw Frederika werden op 30 September 1942 in Westerbork geregistreerd en al op 2 October op transport gesteld naar Auschwitz. Het transport van 2 October 1942 was een z.g. “Kozel-transport”; de trein stopte onderweg in het plaatsje Kozel, gelegen ca. 80 km. westelijk van Auschwitz, waar 160 jongens en mannen tussen de 15 en 50 jaar oud van de in totaal  1014 gedeporteerden, gedwongen werden om de trein te verlaten om in de omliggende werkkampen van Auschwitz als dwangarbeiders tewerkgesteld te worden. Zij, die in de trein achterbleven werden verder naar Auschwitz vervoerd om bij aankomst aldaar te worden vermoord. Ook Frederika van Geuns-Tas trof dat lot: zij werd bij aankomst op 5 October 1942 onmiddellijk in de gaskamers van Auschwitz-Birkenau vermoord.

Bij de groep van 160 mannen die uit de trein gehaald werden, behoorde ook Eliazer van Geuns. Maar zoals pas in 2015 ontdekt werd, bleek hij uiteindelijk als Joodse dwangarbeider terecht te zijn gekomen in het “Reichs Autobahnlager Sankt Annaberg” in Opper Silezie in Polen. Na de oorlog was wél duidelijk dat Eliazer van Geuns de Sjoa niet had overleefd, maar niet waar, wanneer en onder welke omstandigheden hij om het leven was gekomen. Daarom werd na de oorlog op last van het Ministerie van Justitie in de gemeente Amsterdam voor Eliazer van Geuns een akte van overlijden opgemaakt, waarin zijn overlijden werd vastgesteld als op 20 December 1942 in Schoppinitz.

Echter bij een onderzoek in 2015 in Polen naar de slachtoffers van o.a. het Reichsautobahnlager "Sankt Annaberg” in Opper Silezie, zijn meerdere aktes van overlijden gevonden, waaronder ook die van Eliazer van Geuns. Daaruit is gebleken dat hij op 5 Januari 1943 in het Lager St. Annaberg om het leven is gekomen. Op de overlijdensakte worden “gangreen en hartzwakte” als officiële doodsoorzaken vermeld. (Gangraen und Herzschwäche).

Bij de vaststelling van de overlijdensdatum van Eliazer van Geuns wordt echter de officiële Nederlandse datum van 20 December 1942 in Schoppinitz gehandhaafd, de juridische overlijdensdatum en plaats, door het Ministerie van Justitie vastgesteld.

Bronnen o.a. het Stadsarchief Amsterdam, gezinskaart Eliazer van Geuns en Hartog van Geuns, archiefkaarten van Eliazer van Geuns, Frederika Tas en Hartog van Geuns; het archief van de Joodse Raad, registratiekaarten van Eliazer van Geuns, Hartog van Geuns en Frederika van Geuns-Tas; de wikipedia website jodentransporten vanuit nederland.nl en Edward Haduch, Kedzierzyn-Kozle (Polen), de overlijdensakte van Eliazer van Geuns uit het Bevolkingsregister (Standesamt) Annaberg.

Alle rechten voorbehouden