Biografie

Over Leentje Ossedrijver en haar man Asser Halmans.

Leentje Ossedrijver was een dochter van Jacob Ossedrijver en Vrouwtje Gans. Zij was geboren op 6 Mei 1881 in Amsterdam en zij was werkzaam als winkeljuffrouw. Op 19 December 1918 trouwde zij in Amsterdam met de Amsterdamse taxichauffeur Asser Halmans, geboren op 24 Mei 1889 en zoon van David Halmans en Sophia de Jongh. Het echtpaar kreeg twee kinderen, t.w. Sophia in 1919 en Frederica in 1922. Beiden hebben de Holocaust overleefd; Leentje en haar man zijn tijdens de Sjoa vermoord.

Na haar huwelijk in 1918 woonden Leentje en Asser in de Schaepmanstraat 21 III in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt totdat zij op 15 April 1943 moesten verhuizen naar de Transvaalstraat 116 II in Amsterdam-Oost. Op dat adres woonden ook Leentje’s zus Eva en broer Abraham.

Asser Halmans was “gesperrt wegens functie”. Zijn vrouw Leentje eveneens, wegens de functie van haar man. Asser was hulpportier bij het Joods Montesori Lycemu in de Guido Gezellestraat 12, bode en suppoost daar vanaf Mei 1942. Vroeger werkte hij als blokbandchauffeur bij de Amsterdamse taxicentrale en was in het bezit van diploma’s voor koetsier en chauffeur.

Eind Mei 1943 tijdens de grote razzia’s waarbij de Duitsers 7000 Joodse Raad medewerkers opeisten voor vertrek naar Duitsland, werden ook Asser en zijn vrouw Leentje gearresteerd en naar Westerbork afgevoerd. Op 1 Juni werden zij beiden op transport gesteld naar Sobibor waar zij bij aankomst op 4 Juni 1943 onmiddellijk werden vermoord.

Bronnen o.a. Stadsarchief Amsterdam, gezinskaart en archiefkaart van Asser Halmans en Leentje Ossedrijver; website wiewaswie.nl/huwelijk Halmans/Ossedrijver en het archief van de Joodse Raad, registratiekaarten van Asser Halmans, Leentje Halmans-Ossedrijver, Sophia Halmans en Frederica Halmans.

Alle rechten voorbehouden